Juryverslag: Poëzie Prijs voor Pastiches op Parodieën

1. VOORAF

De opdracht voor de prijs luidde als volgt: schrijf een finalestrofe op het in memoriam dat Emile Plasky voor Kaat schreef.

Dit gedicht was, natuurlijk, een pastische op Aan J.J.L. ten Kate, een briljant spotvers van de hand van Cornelis Paradijs (ps. Frederik van Eeden). De jury keek naar metrum, rijm, zinsbouw en inhoud en volgde verder haar hoogst subjectieve voorkeuren waarover zij geen enkele verantwoording aflegt.

De originele finalestrofe van Paradijs zag er zo uit:

Zing op! Zing op! ten Kate!
(Gij kunt het toch niet laten)
Laaf onze ziel aan Harmonie,
Al wat gij zingt is Poëzie!
Zing dartel, speelsch of vroom van zinnen
Op kerken, vorsten of vorstinnen,
Wij minnen alles wat gij doet:
Want wat ten Kate schrijft is goed!
Zing, J.J.L. ten Kate,
Ten aller vromen bate!

Dat zijn dus tien regels, in het rijmschema aa-bb-cc-dd-ee. De eerste twee regels hebben negen lettergrepen, de volgende twee acht, dan zeven, dan weer acht en de laatste twee opnieuw negen. De klemtonen vallen in alle verzen op de even lettergrepen, wat maakt dat de a-, c- en e-regels vrouwelijk rijm hebben en de b- en d-regels mannelijk rijm.

Het rijmschema en het metrum overnemen waren de technische minimumvereisten. Verder moest ook de inhoud en toon overgenomen worden: een archaïsch Nederlands met zwaarbeladen metaforen en opgeblazen zinsconstructies.

Of de strofe van Paradijs perfect is of niet doet er verder niet toe: ze is het model waarop de deelnemers zich moesten richten. Gaan wij dan nu over tot de evaluatie van inzendingen.

Lees meer »

Advertenties

Eerst het metrum & het metrum eerst

In een recente blogpost geeft Stanza ons de goede raad te schrappen bij het schrijven. Zeer goede raad, inderdaad, maar gaat de auteur niet wat kort door de bocht? Hij stelt: schrap bij het dichten alles wat niet strikt noodzakelijk is. Een strofe die weggelaten kan worden? Schrappen! Een regel teveel? Schrappen!! Een woord dat niet op z’n plaats staat? Schrappen!!!

Op zich zijn wij het hier laaiend mee eens. Het schrappen van strofes is aan te moedigen, als dat het verhaal tenminste niet beschadigt. Maar het schrappen van regels is al riskanter en het schrappen van woorden is ronduit link.

Regels en woorden zitten namelijk in een metrum, het ritme van de tekst dat bepaald wordt door welke lettergrepen beklemtoond zijn en welke niet. Als je woorden en dus lettergrepen begint te schrappen zonder ze kundig te vervangen, dan eindig je zonder metrum. En op De Schoolmeester na hebben wij niemand ooit goede metrumloze verzen weten schrijven.

Toch stelt Stanza:

Strofe twee start […] als volgt:
‘Start! Ik heb honger, en ik neem gerookte ham’
Het probleem hier is dat ik maar twee strofen heb (de derde was geschrapt!) en dat het dus raar is om “Start!” te roepen halverwege het lied, maar ik had een woord nodig om het metrum te completeren. Niks nodig, gewoon schrappen en een gitaaraanslag zal wel zorgen dat het metrum klopt. Probleem opgelost!

Probleem opgelost? Allerminst: de gitaaraanslag camoufleert het probleem in plaats van het op te lossen. Stanza gaat te licht over het metrum. Metrum is geen speeltje van de dichter, metrum maakt dat een tekst lóópt, dat hij werkt. Een tekst waarin het metrum wordt veronachtzaamd strompelt, struikelt en komt ten val.

Tekstueel zou Stanza er onzes inziens dan ook sterk op vooruitgaan als de tekstschrijver meer op het metrum zou letten. En om deze brutale stelling te onderbouwen,  hebben wij onze tanden gezet in het lied Tijdloos.

Tijdloos is een pastische van Stanza op Drs. P. Maar de pasticheur vat de essentie van Drs. P niet. Hij beseft niet dat Drs. P niet in de eerste plaats een humorist is, maar een briljante versificator die metrum en rijm perfect beheerst. Zo komt het dat de humor in Tijdloos wel klopt, maar dat het metrum een totale puinhoop is. Zo gaat dat niet, zéker niet in een pastische op Drs. P.

Wij hebben de tekst voor u tot op het bot afgekloven. Luister, huiver, en probeer er wat van op te steken.

Lees meer »