Schoppenaas B6

Wij hebben een abonnement op FedEx en dat is maar goed ook. Onze Medaille ter Memorie van Miserabele Metaforen wordt tegenwoordig razendsnel doorgegeven van de ene kluns aan de andere. Zo dreigt de MMMM spoedig het enige te worden waarover wij nog uitzenden.

Toch is het met veel liefde dat wij vandaag de MMMM aan Bart Sturtewagen overhandigen. Sturtewagen is ‘opiniërend hoofdredacteur’ van De Standaard en dat hebben wij altijd een prachtige titel gevonden. Het komt er eigenlijk op neer dat hij geregeld nietszeggende stukjes schrijft over zaken die nochtans erg boeiend zijn.

Vandaag bijvoorbeeld over het spectaculaire stuntwerk van de Italiaanse politicus Matteo Renzo. Je zou het niet zeggen als je Ine Roox leest, maar over de Italiaanse politiek vallen veel interessante dingen te schrijven.

Vanzelfsprekend slaagt ook Sturtewagen daar niet aan in, maar hij weet dat te compenseren door op charmante wijze in zijn eigen metafoor verstrikt te raken, en die bovendien tot titel van zijn werkje te verheffen. Klasse.

Lees meer »

Advertenties

Een baken van stabiliteit

De Vlaamse pers, dames en heren, dat is een duiventil, een permanente stoelendans eigenlijk. Hoofdredacteurs en hun adjuncten, die reizen maar op en af, van het ene medium naar het andere. Is er de voorbije twee jaar iemand langer dan twee weken hoofdredacteur van Humo geweest? Van De Morgen? Knack?

Even let je niet op en hóp, daar is die dekselse Karl van den Broeck zomaar opeens hoofdredacteur van Apache! Wie kan daar nog aan uit? En wie verbaast het dat alle media steeds meer op mekaar beginnen lijken? Niemand.

Maar wie kan het, buiten de mediajongens en -meisjes zelf, eigenlijk wat schelen? Ook niemand. Toch willen wij u geruststellen, omdat wij weten hoe nerveus u wordt van onzekerheid.

Daarom beloven wij:

  • Auguste Plasky wordt géén hoofdredacteur van The Wall Street Journal.
    “Ik blijf gewoon pintjes drinken met Rupert. Dat is een gezelliger manier om te bepalen wat er in het editoriaal moet staan,” verklaarde Auguste aan deze zender.
  • Max Plasky wordt géén art director van Playboy.
    Hij blijft gewoon spoorloos in Azië. Wij gaan zijn facturen wel niet blijven betalen. Max, als je dit hoort: op de redactieraad is besloten de rekening van de abortuskliniek in Chittagong niet te betalen. De raad was (tamelijk) unaniem in haar standpunt dat “abortus niet als anticonceptiemiddel gebruikt kan worden.” Gelieve er rekening mee te houden.
  • Emile Plasky wordt géén eindredacteur van Tertio.
    Dit zou, aldus Emile, “teveel als verraad aanvoelen ten opzichte van mijn eerste grote liefde, De Campuskrant.”
  • Maurice Plasky wordt géén koffiejongen bij De Koopjeskrant.
    “Zolang ons Riske geen onberispelijke ristretto kan zetten voor Radio Plasky, moet hij het niet te hoog in zijn bol krijgen,” aldus het verslag van de redactieraad. Maurice zijn reactie is op last van de hoofdredactie geschrapt uit het verslag.
  • Eugene Plasky wordt geen groot kunstschilder. Hij blijft proberen, maar heeft er simpelweg het talent niet voor, dus het zal altijd bij proberen blijven.

Korte historiek van de open brief

Open brieven werden vroeger op drukbezochte openbare plaatsen opgehangen, zoals kerkportalen of aanplakpalen. Dat was handig voor kranten, want dan konden ze voor hun verslaggeving over de polemiek een fotograaf naar die plaats sturen, die dan voor een kunstzinnig kiekje van de fysieke brief zorgde.

Toch kon het nog handiger: waarom de brief niet rechtstreeks naar de krant gestuurd? Naarmate kerkportalen en aanplakpalen minder populair werden, gebeurde dat ook. Kranten bestonden in de periode voornamelijk uit tekst, denken wij, want wij herinneren ons niet dat bij zo’n open brieven foto’s van de brief werden afgedrukt.

Nu, eerlijk gezegd: dat van dat dat vroeger met kerkportalen en aanplakpalen was, herinneren wij ons ook niet. Maar wij kunnen geen andere verklaring bedenken voor de jongste stunt van Henk Tack, gelauwerd webredacteur bij De Standaard.

Henk Tack tovert met Photoshop voor De Standaard.
Het ziet er heel retro uit, maar één detail geeft weg dat dit toch een heel moderne open brief is: websites blijken op een heel andere manier dan papier te scheuren.