Skip to content

Jaja, Guido, tzalwel hé, asgijtzegt

24 juli 2013

Waarom heeft Guido Everaert, die ‘blogger’ genoemd wordt, eigenlijk een column in De Morgen en De Volkskrant? Men vraagt het zich af. Maar hij schrijft over het verschil tussen Nederlanders en Vlamingen, wat natuurlijk zowel De Morgen als De Volkskrant en dus vooral De Persgroep handig uitkomt. Het zal daar wel wel mee te maken hebben; in elk geval kunnen wij geen andere reden bedenken.

Vandaag heeft Guido het over de taalarmoede van de Vlaming. Ja, dat taboe moest nu eindelijk maar eens geslecht. Hij schrijft:

Ik kan bijna geen column meer schrijven of er wordt gevraagd naar de betekenis van een woord dat mij als normaal voorkomt.

Guido bedoelt ‘dat mij normaal voorkomt’, maar laat ons niet zeuren: de toevoeging van het overbodige ‘als’ zal wel taalverrijking zijn. Maar Guido schrijft ook:

Ik vind het zo jammer, dat mijn stamgenoten verglijden naar een soort monosyllabisch gereutel dat kennelijk volstaat om hen door het leven te leiden. ‘Ja, Neen, kweenie, tzalwel, asgetzegt….’

Hoe normaal komt het woord ‘monosyllabisch’ Guido zélf voor? Weet hij eigenlijk wel wat het betekent? Drie van zijn vijf opgesomde reutels zijn immers niet monosyllabisch.

Waarom krijgt ‘Neen’ een hoofdletter, Guido? Is het niet ‘afglijden naar’ in plaats van ‘verglijden naar’? Waarom niet gekozen voor het mooie Nederlandse woord ‘eenlettergrepig’, in plaats van voor een Grieks-wetenschappelijke term die wij ook maar via het Engels kennen? En verandert die komma na ‘jammer’ de betekenis van de zin niet drastisch?*

Een pot als Guido moet dus een beetje op z’n tellen passen wanneer hij ketels verwijten begint te maken. Maar er is meer mis met Guido’s column dan dat het niet het briljantje van inspirerende taalcreativiteit is dat hij er zelf in ziet.

Het zit namelijk zo: er is over taalverarming en -verrijking interessant studiewerk verricht. Maar eigenlijk zijn zelfs de basisvragen nog niet beantwoord. Wat precies maakt de rijkdom of armoede van een taal uit? Hoe kan een wetenschapper, die altijd een specifieke taalachtergrond heeft, zoiets objectief bepalen? Is het überhaupt wel zinvol om op talen kwalitatieve etiketten als ‘arm’ of ‘rijk’ te willen kleven?

Er zijn voorlopig dus geen ongecontesteerde antwoorden, maar de taalkundige discussie onder wetenschappers op zich is wel boeiend. Zo boeiend, dat we het zinloze gezeik van bloggers die vinden dat het vroeger beter was en dat zij zelf beter zijn, kunnen negeren.

Zij dragen niet bij aan het debat, zij zeuren slechts. En dat gezeur is louter gebaseerd op hun eigen indrukjes en ideetjes, en raakt meestal kant noch wal. Guido’s column wemelt van de veronderstellingen over taal. Zijn ze waar, een beetje waar, manifest onwaar? Geen idee, we hebben Guido’s buikgevoel te volgen.

En nu verschaft Guido ons in deze column wel enig inzicht in zijn buikgevoel, maar juist dat boezemt weinig vertrouwen in:

Goesting is de blik waarmee je de billen van je lief monstert, denkend aan het onwelvoeglijk lekkere dat je er later mee zal doen, van zachte streling tot ongecontroleerd gehijg.

Jezus Christus, Guido, waar komt dát wansmakelijk gewauwel plots vandaan, zeg? Wij… euh… fuck, waar is mijn papier? Godverdomme… neen… Sorry luisteraars, na dit onwelvoeglijke fragment zijn wij even de draad kwijt. Er is… neen, wacht… Bon, wij zijn het kwijt. Dan maar meteen over naar de slotbemerking van deze uitzending!

Weet u wat écht een schrijnend staaltje zomers gebrek aan creativiteit, fantasie en originialiteit is? Columns schrijven over het verschil tussen Vlamingen en Nederlanders.

[Op verzoek van Guido’s lief staat hier geen foto
die Guido’s goesting onwelvoeglijk illustreert.
Zij wil, als wij het goed begrepen hebben,
niets te makken hebben met zijn columns.
Begrijpelijk.]

LINKS:

* Dit staat open voor discussie. Onze eindredactie stelt: “Ik vind het zo jammer dat mijn stamgenoten verglijden” drukt de spijt uit over het verglijden der stamgenoten. “Ik vind het zo jammer, dat mijn stamgenoten verglijden” drukt uit dat de spijt dermate groot is, dat zij het verglijden der stamgenoten tot gevolg heeft. In elk geval is verwarring mogelijk met deze constructie en dat moet vermeden worden.

2 reacties leave one →
  1. 25 juli 2013 11:07

    Beste Emile,

    heerlijk geschreven, u doet dat stukken beter dan ikzelf ooit zou kunnen. Excuus voor mijn haastig bijeen gekribbelde en ongefundeerde meningen. Ik neem uw adviezen ter harte.

  2. 26 juli 2013 09:43

    Rustig maar, mevrouw Everaert. Niet iedereen is internetverslaafd. Wij bekijken onze e-brievenbus gemiddeld een keer per twee weken; om de paar uur een nieuwe e-mail sturen heeft dus weinig zin.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s