Skip to content

Zomaar een interessant gesprek

8 mei 2013

Ik ben hier blijkbaar niet goed bezig.

Heel even vulde mijn hart zich met hoop: zelden schoot Kalasjnikov Cools immers dichter bij de roos dan toen ze vrijdag Terzake opende. Helaas bleek al snel dat het om ironie ging waarmee ze dacht zichzelf te kunnen vrijwaren van de PEN-beschuldiging.

Dat zetten we bij Radio Plasky graag recht. Om kort te gaan: Cools’ afhandeling van het interview met Brinckman en Zinzen was een puik voorbeeld van hoe Terzake inderdaad vaker wel dan niet slechte journalistiek bedrijft.

Omdat slechte journalisten ook slechte verstaanders zijn, wil ik dat best wat motiveren.

Vooral een blitse montage

Het liep al behoorlijk fout bij de intro, een fragment van een stijve hark uit de archieven die de meerwaarden van een redactie opsomde. Samen met de daaropvolgende slappe zin van Kathleen Cools (“Ja, toen ging alles nog goed, lieve kijker”), werden criticasters meteen in het makkelijk te klasseren ‘vroeger was alles beter’-hoekje gezet.

Van de opgenomen interviews met Saskia De Coster, Frank Thevissen en Tom Naegels valt vooral te zeggen dat ze blits gemonteerd waren, met hippe muziekjes en interviewees die zich voorstelden terwijl ze de camera met slechts één oor aankeken.

Maar we zijn in een gulle bui: die reportage had al bij al nog een vlotte opener kunnen zijn voor het centrale interview van de avond, met Walter Zinzen, wiens brede én diepe dossierkennis wij nog steeds heugen, en Bart Brinckman, wiens laatste brilmontuur het gebrek aan gezichtsbeharing schijnt te moeten compenseren.

Zinzen had een extra pilletje genomen en was op dat avonduur de laatste zestig jaar nog nooit zo tegemoetkomend geweest. Niettemin zette hij meteen recht dat vroeger alles beter was. Cools maakte zich er opnieuw van af met het soort ironie waarvan slechts zijzelf peinst dat het slimmigheid is: “Dat was al fout om te beginnen, ja…” (Het weze tussendoor ook gezegd dat die compulsieve neiging om elke zin met ‘ja’ te starten of te stoppen, danig op de zenuwen werkt).

Brinckman, de gekwetste leider

De arrogantie van Brinckman, die doet alsof Zinzen het enkel over de populaire media heeft en verder hoogst bitsig reageert op eender welke gezonde kritische houding tegenover zijn krant, zal voor een andere aflevering zijn. Maar zijn argumenten tegen Zinzens – nog zeer vriendelijk verwoorde – klachten sloegen nergens op.

“Hoezo, er is geen onderzoeksjournalistiek in Vlaanderen? Wij hebben toch Vlaamse prijzen gekregen voor onze onderzoeksjournalistiek?” Het is niet enkel makkelijk prijzen te winnen wanneer niemand een grote inspanning doet, het gaat ook om wat Zinzen er tussengooit: het is niet al onderzoeksjournalistiek wat zo genoemd wordt.

Het gesprek kabbelt voort: Zinzen bekritiseert vriendelijk maar gedecideerd, Brinckman speelt de gekwetste leider die het beste voorheeft met alles en iedereen en Cools kan weer amper volgen. Goede journalistiek begint bij dossierkennis en luistervaardigheid; als Cools dus vraagt of “een programma als Terzake ook verder is afgegleden”, dan ligt daar al het eerste antwoord.

Natuurlijk, dat “onzijdig erbij zitten” (als een ‘het’? of bedoelt de ankervrouw toch ‘afzijdig’?) is één van de tekenen van een verpauperde journalistiek. Interviewen is meer dan ‘ja en ‘ok’ mompelen omdat de regisseur in het oortje schreeuwt dat je moet afronden.

Journalistiek is leuke gesprekjes

Het einde typeert Cools: ze krijgt de boel niet onder controle – “Eerst mijnheer Zinzen”, zegt ze, waarna mijnheer Brinckman het woord voert. En vervolgens sluit ze af met een weeïge wens in warrig Nederlands: “Als we vooruitblikken: er is nog hoop.”

Door onderwerpen aan het einde van het item weg te relativeren, door alleen maar te spreken van “interessante gesprekken” of de vaststelling “dat we het vanavond waarschijnlijk toch niet zullen oplossen”, schuift de urgentie van een probleem op, of het nu over mediakritiek, een mijnbouwconflict, financiële crisissen of mobiliteitsinfarcten gaat.

Zo lijkt het alsof de zoektocht naar een reële oplossing of een correct oordeel niet tot het blikveld van de journalistiek behoort. Die dient alleen maar leuke gesprekken te voeren.

Mocht Lieven Van Gils vervanging behoeven om in brak Nederlands wat te keuvelen aan een kleurige tafel, ik zou Kathleen Cools voorstellen.

Vroeger was heus niet alles beter. Maar Terzake alvast wel.

LINKS:

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s