Skip to content

Kwatrijn, tetrastichon, vierregelig gedicht

25 januari 2013

Indien men zichzelf een wervelbreuk wil besparen, en tevens zijn tijd nuttig wilt doorbrengen, dan dient men de Vlaamse weekendkranten te mijden als de pest. Wij spenderen onze weekends vér uit de buurt van onze brievenbus, en laten al dat overbodige papier maandagochtend meteen bij mekaar vegen door onze Poolse poetshulp. Zij beheerst het Nederlands niet en is verzekerd tegen arbeidsongevallen.

Toch is het ons niet ontgaan dat er sinds enige tijd des zaterdags een rubriekje in De Standaard prijkt met de aardige naam ‘Kwatrijnen’. Een kwatrijn, dat weet u, is een vierregelig gedicht, dat in zijn klassiekste vorm het rijmschema aaba bezigt, maar abba of zelfs aabb mogen ook best. Wat betreft het metrum zijn er geen vereisten, zolang er maar een metrum is.

De kwatrijnen in die verfoeide weekendkrant zijn opgevat als puntdichten, en dat vergenoegt ons zeer. De plezierdichterij wordt te weinig naar waarde geschat in Vlaanderen en wanneer een dappere onverlaat er zich toch aan waagt, is het resultaat zelden indrukwekkend. Dat komt natuurlijk omdat wij onze dichters niet voldoende gelegenheid geven zich te oefenen, en daarom verdient het initiatief van De Standaard alle lof.

Tegelijk toont de rubriek aan hoe droef precies het gesteld is met de beheersing van de schone puntdichtkunst in onze contreien. Neem bijvoorbeeld dit gedicht, van de hand van humorist Lieven Scheire:

Er is een Icarus met stukke vleugels neergestort
Pas na eindeloos te zijn beschoten kwam hij spartelend neer
Veel eer om aan zichzelf te houden was er dus niet meer
Door zijn woorden door meanderde het graflied van zijn sport

Er is in onze hoofden iets tot bloedens toe geknakt
Na ooit door hem voor slechte wielerfans te zijn verweten
Vergeef mij dus dat het wantrouwen nog niet is gesleten:
Zijn die tranen nu oprecht? Of heeft hij daar iets voor gepakt?

Het valt de slimme luisteraar meteen op: dit is geen kwatrijn. Dit zijn twéé kwatrijnen, en dat noemen wij een octet (of octaaf). Het is een beetje lullig om daarover te zeuren, ’t is waar. Maar je zegt ook niet ‘tien appartementen’ wanneer je een appartementsgebouw bedoelt. Maar goed, ze hebben bij De Standaard ook maar een leuke naam gezocht voor dat rubriekje, wij moeten er niet teveel belang aan hechten.

Maar de nog net iets slimmere luisteraar merkt ook meteen: dit is geen metrum, dit is een stelletje ongeordende lettergrepen op een hoopje. Het aantal syllaben per regel laat zich nog het best omschrijven als ‘ongeveer veertien’. Geen enkele regel heeft hetzelfde aantal lettergrepen als de regel waarop hij rijmt. Wat een zootje!

En dan hebben we het nog niet over de belabberde metafoor (de historische figuur Icarus werd niet beschoten en trachtte ook de eer niet aan zichzelf te houden) en het belabberde Nederlands (‘voor iets verweten worden’, ‘tot bloedens toe geknakt zijn’). Het enige wat eigenlijk goed is, is de pointe. Die wordt inderdaad nog iets leuker omdat er zeven regels lang dramatisch wordt gedaan, maar zeven regels tijd heb je nu eenmaal niet in een kwatrijn.

Die pointe kunnen we dus behouden, de rest moet beter. We baseren ons dan ook maar meteen op de eindregel voor het metrum: vijftien lettergrepen, met steeds klemtonen op de oneven exemplaren.

Jaren loog hij ‘ik kan vliegen’ maar nu is hij neergesmakt
Oprah mag je niet beliegen dus heeft Icarus bekend
Wij geloven het niet echt daar wij zijn leugens zijn gewend
Zijn die tranen nu oprecht? Of heeft hij daar iets voor gepakt?

Het is niet zeker dat het binnenrijm de zaken er hier echt op vooruit helpt. Voel u gerust geroepen.

Het is goed dat De Standaard aan volksverheffing wil doen met rederijkerij. Maar dan moet er ook daadwerkelijk verheven worden, en dat gebeurt niet met geploeter van al te middelmatige kwaliteit.

Morgen staat er weer zo’n octet in de krant. Voel u ook dan gerust geroepen.

7 reacties leave one →
  1. 25 januari 2013 12:22

    Verhoffen, dat is hoe onze familie haar volwassen exemplaren benoemt – de kinderen zijn Verhofkes. Het voltooid deelwoord van verheffen is verheven, maar ik twijfel er niet aan dat de grote Plasky-spellinghervorming ook hieraan zal verhelpen. Dan, mét binnenrijm en stijlbreuk:

    Wielergod valt van zijn sokkel en vergiftigt heel zijn sport
    Afspraak bij het talkshowmokkel met een knappe scenarist
    Wees een winnaar, ken een winnaar, klis hem als hij is geklist
    Tranen rollen op het altaar want de dollars zijn gestort

  2. 25 januari 2013 12:52

    De spelling-Plasky heeft helaas geen kant-en-klare oplossing voor sterke werkwoorden, die altijd vervelend zullen blijven. Wij hebben hetzelfde probleem met rekken (gerokken), varen (voer) en klagen (kloeg).

  3. 25 januari 2013 13:28

    Rekken is een zwak werkwoord, dat door assimilatie met het sterke en vaker gebruikte trekken door veel mensen sterk wordt verbogen. Ik denk niet dat het echt belangrijk is, maar de grens tussen taalbeheersing en purisme is ook voor academici een open vraag.

  4. 25 januari 2013 20:08

    Elke keer als ik zo de mist inga, zoek ik troost in het WNT. Het WNT is heerlijk descriptief en nooit normatief. En er is altijd wel één of andere vage en vergeten vorm die het toch ongeveer met me eens is.

    De verl. tijd, die eigenlijk ‘hoef’ zou moeten luiden, is gevormd in navolging van dien der “redupliceerende” ww. (loopen, slapen enz.), en naast het verl. deelw. geheven vindt men in ’t Mnl. (t.w. in het Brabantsch) ook nog wel den meer oorspronkelijken vorm ‘gehaven’; ‘goffen’ (voor ‘gehoffen’) komt voor in ’t hedendaagsch Westvlaamsch.

    Gehaven: daar moet de echte purist zich toch door aangesproken voelen.

  5. 22 maart 2013 11:38

    Plasky!
    Ik ga deels schuldig pleiten. Bovenstaande zat inderdaad niet strak qua metrum en ritme. Teveel willen vertellen in acht regels en zo.
    Maar er zat wel degelijk een metrum in. Ik mikte op zevenvoetige jamben, die er met wat goede wil van de lezer ook in te lezen zijn. Dat ik in zin 2, 4 en 8 een extra jambe als opmaat nodig heb is inderdaad niet elegant.

    Anyhoe, intussen schrijf ik vaker snelsonetten, en aangename en relatief jonge vorm voor puntdichtjes: http://nl.wikipedia.org/wiki/Snelsonnet

    Ik heb ook een mailinglist met liefhebbers van puntdichtjes waar er jamben en distichons worden uitgewisseld ter vertier en beoordeling. Wie wil is zeer welkom: kwatroon apestaart scheire punkt be

  6. 3 april 2013 18:02

    Scheire! Het zal u ontgaan zijn dat snelsonnetten niet alleen bekend zijn op de redactie, maar zelfs het ultieme wapen vormen waarmee twisten met het lezerspubliek worden beslecht. Altijd in het voordeel van de redactie natuurlijk, maar dat mag de pret niet drukken.

  7. 3 april 2013 18:36

    Greatness. Zin om af en toe mee snel te sonetten over de actualiteit? Alhier of elders, zo je wenst.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s