Skip to content

Hormoonvervangers

15 september 2010

De Standaard heeft een ombudsman, allé vooruit. De Plaskytjes vormen een gezellig doch ietwat cynisch gezin, en dus waren onze verwachtingen even hoog gespannen als het abdomen van Emiles favoriete hangbuikzwijn.

Maar ziet nu! Al na het tweede artikel was het zover en schreef de ombudspersoon (broer Emile heeft mij er net op gewezen dat het modern is sekse-neutrale termen te gebruiken):

De manier waarop de redactie omgaat met persmededelingen van farmaceutische bedrijven, is aan herziening toe.

Sympathiek en loyaal is anders, maar het was wel correct. Alleen is “aan herziening toe” een beetje dunnetjes. Zoals de Kerk er zich nu vanaf denkt te maken met een eenvoudige “sorry, ’t zal nooit meer gebeuren”. Want waar zit het echte probleem?

Niet in het feit dat De Standaard geen onafhankelijke bron raadpleegt wanneer ze een farmaceutisch persbericht klakkeloos overneemt en tot artikel herdoopt. Zij doet precies hetzelfde voor haar andere berichtgeving; geen haan die daar naar kraait.

Het punt is de repliek van de redactrice Binnenland die het gewraakte artikel heeft gecopy-past en zichzelf als volgt de put in argumenteert:

Ik blijf het een relevant verhaal vinden (…) De boodschap is dat vrouwen in de overgang met ernstige klachten beter een arts consulteren en niet meer bang moeten zijn voor de nieuwste generatie hormoonvervangers. (…) Bovendien is de gynaecoloog die aan het woord komt voorzitter van de Menopauzevereniging: hij spreekt namens een grotere groep.

Kijk eens, lief kind, dat is het probleem niet. Het probleem is dat het helemaal niet zeker is dat vrouwen niet meer bang moeten zijn voor deze nieuwe hormoonvervangers, want de brave man van de Menopauze-vereniging klust bij op persconferenties van een farmaceutisch bedrijf.

Als hij al spreekt namens een grotere groep, is dat alvast niet de menopauzerende vrouw: lees op de site van de Menopauze-vereniging zelf hoe die club met een afschuwelijk webdesign de belangen van haar wetenschappers behartigt en daarbij expliciet haar gulle sponsors uit de farmaceutische industrie bedankt.

Toch bewonderen wij Veerle Beel: op kritiek dat zij de farmaceutische industrie naar de mond praat, repliceert ze dat zij de farmaceutische industrie nochtans naar de mond praat. Kritiek pareren door te doen alsof je te dom bent om haar te snappen, daar is een speciaal soort moed voor nodig. Tenzij je echt dom bent, natuurlijk.

Of tenzij je ook door de hormoonvervangende industrie gesteund wordt. Veerle Beel is 48 jaar, bedenk zelf uw conclusie.

8 reacties leave one →
  1. 17 september 2010 10:42

    Beste Auguste, ik weet dat het leuk is om iemand persoonlijk aan te vallen en te doen alsof daarmee het probleem opgelost wordt, maar mij lijkt het nuttiger het systeem te verbeteren. En dat is wat de ombudsman hier heeft gedaan: er wordt een gedragslijn voorgesteld, en als illustratie waarom deze er moet komen, worden twee voorbeelden uit het verleden aangehaald. De nieuwe lijn moet ervoor zorgen dat zulke fouten in de toekomst niet meer gemaakt worden. Nu stelt u het voor alsof de lijn er was, en nu overtreden werd door één redacteur, die we daarvoor een beetje gaan uitlachen. U laat ook de relevante opmerking weg dat er wel degelijk een onafhankelijke bron werd gecontacteerd, maar dat deze pas na tien uur ’s avonds een reactie kon geven.

    Stel dat een farmaceutisch bedrijf nu wel een vernieuwend middel heeft gemaakt, en dit bekend wilt maken. Hoe moet ze dit volgens u aanpakken? Stel dat ze een onafhankelijk expert hebben gevonden die hierover iets wilt vertellen op de persconferentie, hoe kunnen ze die informatie brengen zonder dat ze meteen verdacht wordt? Ik weet dat er veel non-events worden gecreëerd, maar net daarom zou het nuttig zijn als u vertelt hoe een bedrijf met goede bedoelingen dit kan duidelijk maken aan een journalist, en hoe journalisten het kaf van het koren kunnen scheiden. Dan verbetert u het systeem, en gaat u niet één individuele persoon belachelijk maken, wat niemand vooruit helpt.

  2. 17 september 2010 17:26

    Radio Plasky gelooft sterk in een Darwiniaanse benadering van de huidige mediamalaise: schakel de zwakste individuen uit, zo help je het journalistenras er in zijn geheel op vooruit.

    Als Veerle Beel op haar 48ste nog niet beseft dat ze ‘onafhankelijke experts’ moet natrekken op expertise en onafhankelijkheid, en dat ‘ik kreeg niemand aan de lijn voor de deadline om was’ nooit een excuus kan zijn om reclamepraatjes als artikel af te laten drukken, zal ze het nooit beseffen, hoeveel tips en advies en oplossingen wij ook zouden aanreiken.

    De enige mogelijke conclusie is dat Veerle Beel perfect ongeschikt is voor de journalistiek. Afvoeren die handel.

  3. 17 september 2010 22:20

    Als je werkelijk iets wou bereiken, beste Emile, dan had u wel iets positief kunnen zeggen. Al was het maar voor jonge of toekomstige journalisten, zodat zij weten hoe ze bepaalde valkuilen kunnen vermijden. Nu blijft deze blog steken in wat mooi geschreven aanvallen die enkel uw eigen ego strelen. Is het een kwestie van niet kunnen of niet willen?

  4. 18 september 2010 12:13

    Over de ethiek van de farma-industrie én die van een deel van de academische wereld hoeven journalisten zich geen illusies te maken. Lees er maar de recentste Bad Science op na: http://www.badscience.net/2010/09/ghostwriters/

  5. Auguste Plasky permalink
    18 september 2010 20:13

    Beste Auguste? Enfin, wat mij bezielt om hierop te reageren, weet ik ook niet precies. Hoewel mijn broers en neef dit niet ten volle beseffen, zenden wij uit op een liberaal-conservatieve golflengte (voor de huilebalken die hier een contradictie of paradox in zien: sla er het oeuvre van Will Kymlicka op na).

    Het komt er eenvoudig gezegd op neer dat ik het verschrikkelijk op mijn heupen krijg van mensen die de hele dag lopen te toeteren met hun dure titel, maar hiervoor weigeren verantwoordelijkheid te dragen en het onbeleefd vinden als ze hierover “aangevallen” worden. En er lopen vandaag heel wat jongens en meisjes rond die zich redacteur, journalist en researcher noemen maar te lui zijn om deftig werk af te leveren, laat staan hierover willen aangesproken worden. Apropos: een researcher staat blijkbaar onderaan de journalistieke ladder, terwijl deze titel in beschaafde samenlevingen voorbehouden is voor de wetenschappelijke elite. Dit terzijde.

    Nu zult u denken “nou, nou mijnheer Plasky – of voor de boeren onder jullie “nou, nou Auguste” – u bent een beetje een cultuurpessimist en zwartkijker”. Ik zeg u: u drukt zich te zacht uit. Het helpt dan ook niet om, tijdens een ontspannend weekend in het idyllische Taxandrië, een extra weekendbijlage van De Standaard te vinden waarin Bart Sturtewagen een uiterst pedant en inhoudsloos voorwoord bijeen schrijft over kunst, dit vervolgens ondertekent als “Hoofdredacteur De Standaard” en op het laatste blad laat afdrukken: “Valt niet onder de verantwoordelijkheid van de redactie van De Standaard”. Kijk, dat is wat een liberaal-conservatief “gebrek aan ballen” noemt. En over mijn dood, koud lijk dat ik dat soort types hierover niet persoonlijk mag aanspreken.

  6. 18 september 2010 20:23

    @Jan Fabry
    Laat dat dan meteen de positieve bijdrage van mijn zijde zijn: voor elke journalist in spe die er ook maar denkt aan iets te schrijven over gezondheid/geneeskunde is Ben Goldacres blog verplichte kost.

  7. Dieter permalink
    19 september 2010 22:00

    Met iemand afbreken kan je ook iets bereiken hoor, zie bijvoorbeeld https://radioplasky.wordpress.com/2010/08/06/de-atlantische-oceaan/#comment-1228

  8. Knotwilg permalink
    20 september 2010 10:41

    Elke blog is in de eerste plaats een – hopelijk goed geschreven – streling van het ego. De maatschappelijke impact wordt bepaald door de grootte van het lezerspubliek. Ik denk dat goed geschreven messcherpe kritiek een groter lezerspubliek zal bereiken dan belerende schouderklopjes.

    Bovendien, waarom zou Radio Plasky een parallel curriculum voor journalisten moeten zijn en niet een cataloog van de pretentieuze poespas en onkunde die onze kwaliteitskranten dezer dagen ontsiert? Bij kranten horen goed geïnformeerde mensen te werken, die diverse bronnen kunnen raadplegen, en foutloos, helder en liefst ook nog wervend kunnen schrijven. Ik herken in de gebroers Plasky journalisten uit het goede hout. Om één of andere reden zijn de tewerkgestelde journalisten uit minder goed hout gesneden. Het is dus iets anders dan kwaliteit dat tot een journalistiek beroep leidt. Wat het is, we weten het niet, maar we vermoeden dat het niets is waartoe de Plasky’s zich zouden willen verlagen.

    Blijft over: sarcasme, een tamelijk beschaafde uiting van verzuring. En in dagen van pampering kan een digitale oorveeg pedagogische wonderen verrichten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s