Skip to content

Achter de schermen van Radio Plasky & De Standaard

3 februari 2010

In het kantoor van Auguste staat een erg mooi apparaat, een Bang & Olufsen Beolit 39. Het is op dat apparaat dat Auguste de uitzendingen van zijn jongere familieleden kritisch beluistert. Meestal blijven de gevolgen voor ons beperkt tot een ontevreden gebrom, maar een enkele keer loopt het uit de hand.

Dat was eind december geval, toen ik net wat zendtijd had besteed aan de belachelijke politiek inzake lezersreacties van De Standaard Online. In Augustes kantoor zwol het gebrom aan tot luid gemopper en vervolgens tot een razend getier. Na een kwartiertje stak hij zijn roodverhitte hoofd om de deur en sommeerde mij: “Emile! Mijn kantoor! Nu!”

Het onderhoud verliep bizar en ongeveer als volgt:

“Wat is dat allemaal met die uitzending over De Standaard online!?”
“Wel, euh…”
“Schandalig, dat is het! Ronduit schandalig! Hoe is zoiets in godsnaam mogelijk!?”
“Tja, euh…”
“Ik, de intelligentste hoofdredacteur die dit station ooit gekend heeft, begrijp niet dat dat allemaal zomaar kan! Kunt gij het mij uitleggen, Emileke?”
“Kijk, euh…”
“Neen! Dat kunt ge niet! Want het ís gewoon niet uit te leggen! Het is crimineel! Het is misdadig! Het is… het is…”
“Strafrechterlijk strafbaar?”
“Het gaat al mijn spuigaten te buiten en daarom moet ik, Auguste Plasky, ingrijpen!”

Ik toonde nerveus mijn beste verontschuldigende glimlach, maar mijn hoofdredacteur leek me alweer helemaal vergeten en begon te ijsberen met zijn handen op zijn rug en zijn blik op het Perzisch tapijt. Ik durfde niet bewegen uit schrik opnieuw zijn aandacht te trekken. Na een kwartier innovatieve krachttermen te hebben gemompeld hield hij stil en sprak: “Emile, zet u. Ik ga iets u iets tonen. Luister en leer bij.”

Ik ging bedeesd zitten op de gammele keukenstoel die Auguste aan zijn gasten voorbehoudt. Zelf liet Auguste zich wegzinken in de Chesterfield waar hij persoonlijk wieltjes onder heeft gemonteerd. Ze komen soms los, maar verder is het heel praktisch. Ik polste voorzichtig: “Wat is het probleem eigenlijk exact, Auguste?”

“Uw schandalige uitzending, Emile. Het kan niet dat wij daaraan zendtijd moeten blijven besteden. Wij zagen daar veel te vaak over. Pas op: dat is niet uw schuld, het is uw job om te zagen. Maar het is hoog tijd dat ze bij De Standaard inzien dat het nu wel welletjes is geweest.”

Hierop draaide Auguste het nummer van Peter Vandermeersch op zijn nepgouden telefoon, en hij zette de luidspreker aan.

“Euh… euh, met Peter.”
“Dag. ’t Is hier met Auguste Plasky. Ik weet niet waar ge op dit moment mee bezig zijt, maar ge onderbreekt het maar vijf minuten.”
“Ja, maar…”
“Hoe langer ge zeurt, hoe langer die vijf minuten duren.”
“Euh, goed, een momentje, alstublieft.”

Op de achtergrond hoorden wij gedempt gefluister, geritsel van lakens en, naar wij menen, een teleurgestelde zucht van Linda De Win.

“Ja, mijnheer Plasky, sorry voor het oponthoud. Ik ben één en al oor.”
“Mijn zender heeft alwéér commentaar gegeven op het niveau van de lezersreacties op uw site. Ik ben dat zo langzamerhand kotsbeu, Vandermeersch.”
“Daar kan ik toch niets aan doen? Uw zender…”
“Daar kunt gij wél wat aan doen. Wanneer uw gazet zich idioot gedraagt, hebben wij de plicht dat te melden aan de burger. Weet ge wat dat is, Vandermeersch, de plicht van de media tegenover de bevolking?”
“Ja, ja. Maar…”
“Neen, dat weet ge niet. Anders zou uw gazet er wel anders uitzien. Gij denkt alleen aan de plicht tegenover de aandeelhouder. Maar ik ben blij dat ge doet alsof ge mij begrijpt, want dan gaat ge ook op het volgende ‘ja’ knikken. Ik wil zo geen uitzendingen meer maken, dus gij moogt er geen aanleiding meer toe geven. Concreet: stel uw beleid van lezersreacties op de site bij!”
“Maar mijnheer Plasky, dat is censuur! Dat gaat in tegen de democratische geest en verlichte waarden van…”
“Dat gaat in tegen uw doelstelling om zoveel mogelijk geld te verdienen met zoveel mogelijk pageviews, bedoelt ge. ”
“Euh… ja. Maar dat maakt voor mijn lezers niets uit, die gaan het hoe dan ook niet aanvaarden.”
“Schrijf maar een nietszeggend editoriaal om er een draai aan te geven, dat kunt ge wel. En laat Domidingske Deckmyn ook maar eens door het stof gaan, ’t is per slot van rekening zijn branche.”
“Ja mijnheer Plasky. Ik heb het begrepen. Ik zal het in orde brengen. Maar mag ik u om één gunst vragen? Wilt ge Emile alstublieft geen uitzending laten wijden aan onze nieuwe politiek? We zullen onszelf zo al belachelijk genoeg maken, vrees ik.”
“Ja, dat vrees ik ook. Nog een prettige avond, Vandermeersch. Doe Linda de groeten.”

En onze hoofdredacteur gooide de nepgouden hoorn op de nepgouden haak. Hij grijnsde mij triomfantelijk toe.

“Gezien, Emileke? Allé hop, terug naar uw bureau. Ik geloof dat ge wel weet waarover ge een uitzending te verzorgen hebt.”

3 reacties leave one →
  1. Joris permalink
    3 februari 2010 20:20

    Beolit. Eindredactie, jongens!

  2. mike permalink
    4 februari 2010 23:42

    lachen!
    en tis nog waar ook!
    allemaal!

  3. Dieter permalink
    6 februari 2010 14:02

    Meer van dat, gebroeders!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s