Het Grote Stijlboek van Rudy Aernoudt

Via een gunstige (maar licht zurige) wind belandde het nieuwste boek van Rudy Aernoudt op onze redactie: Wedervaren van een ‘cabinetard’. Een mens moet iets doen om zijn avonden te vullen, zeker nu in de laatste ronde van de groepsfase van het EK alle matchen pas om kwart voor negen worden gespeeld. En dus namen mijn rode stift en ik Aernoudts boek door.

Ik moet zeggen: het was een unieke ervaring. Nooit eerder is de punt van mijn rode kameraad beginnen smeulen door oververhitting. Ik heb ook nooit eerder zo gevloekt dat mijn broers ervan gingen blozen. Wedervaren van een ‘cabinetard’ is met voorsprong de meest ergerlijke lectuur die ik ooit onder ogen kreeg – en ik lees Tessa Vermeiren.

Waar ik het niet over wil hebben bij Aernoudt: zijn pedanterie, zijn opschepperig gemoraliseer en de algemene hoogdravendheid van zijn betoog. Ik oordeel niet over Aernoudt zijn karakter, ik beperk mij tot zijn taalfouten. Daar heb ik mijn handen ruim aan vol.

Aernoudt is ongeëvenaard in het verbasteren van uitdrukkingen:

Zelf zullen zij dan ook delen in de vruchten. (p. 26)
Ministers die aan het slappe partijkoord dansen […], klassieke partijen die meer en meer samen in bad gaan (of moet ik zeggen ‘in bed’) […]. (p. 31)
De stress van een kersverse minister, die bovendien in een zeer slecht gesternte was gestart, valt niet te onderschatten. (p. 54)
Aan het morgenhumeur van mijn minister wist ik dat Freya het weer had gedaan. (p. 61)
Er werd in politieke kringen hartig om gelachen. (p 66)
Een kat vindt er zijn jongen niet in, zo zou ik de analyse samenvatten. (p. 118)
Vriendjespolitiek, cliëntelisme of nepotisme staan daar haaks tegenover. (p. 148)

Sommige zinnen zijn gewoon grammaticaal fout:

Een gedeelte van de vroegere superwinsten gingen naar de gemeenten. (p. 59)
Democratie is een arena waarin schroom, schrander, ethiek of medelijden niet thuishoren (p. 66)
Ik kreeg nooit geen (openlijk) commentaar meer. (p. 89)
Zelf heb ik het meegemaakt dat een minister aan een advocaat liet weten dat […] hij nooit geen contracten meer zou krijgen van zijn kabinet of zijn administratie. (p. 134)

Ook interpunctie is niet veilig:

“Bart wil het zo, zei ze gelaten.”

Namen zijn niet noodzakelijk juist geschreven:

André Oosterlynck (moet zijn: André Oosterlinck) (p. 83)
Katrien Verfaille (moet zijn: Catherine Verfaillie) (p. 83)

Zelfs een dt-fout moet kunnen:

Dus als je privédossiers behandelt, moet je toelating vragen, en zo wordt je afhankelijk van de broodheren [….].

En sommige zinnen zijn krommer dan het beleid dat Aernoudt aanklaagt:

Ik wens de lezer veel aangenaam leesgenot. (p. 10)
Spijtig, ik ben vrij milieubewust, maar ik vond dat de groenen beleidscapaciteit ontbraken (p.50)
Maar aan een pragmatische groene partij heeft onze maatschappij echt behoefte aan. (p.50)
Dit kon de ‘vriendjes’ niet overkomen, want die schreven niets, verkiezingsfolders niet inbegrepen. (p.70)
De Nederlandse minister heeft slechts twee directe medewerkers, zijnde de chauffeur en het persoonlijk secretariaat. (p. 148)

Van kromme zinnen zijn er nog veel meer voorbeelden, maar ik kan moeilijk driekwart van het boek hier overtypen. Verder wil ik er niet over doorbomen, de citaten spreken voor zich. Ik heb wel nog een boodschap voor Rudy en ook één voor uitgever Roularta.

Rudy: je boeken hebben de potentie om bestsellers te worden. De inhoud is spectaculair genoeg, je naam bekend genoeg. Maar zoek alsjeblieft een ghostwriter. En een eindredacteur. Je kan altijd contact opnemen met onze redactie.

Roularta: jullie slagen er in het woord topambtenaar te splitsen als ‘to-pambtenaar’ (p.123). Leer die lay-outsoftware eens instellen, zeg. En laat een tekst van Aernoudt, die bij de Vlaamse administratie de reputatie heeft geen bijzin van een hoofdzin te kunnen onderscheiden, grondig nalezen. Hebben jullie geen uitgeverslicentie die kan worden ingetrokken wegens misdaden tegen de Nederlandse taal?

Advertenties

5 gedachtes over “Het Grote Stijlboek van Rudy Aernoudt

  1. Eerst dacht ik “Dit is een prachtig staaltje van tot kunst verhoffen mierenneukerij” maar als je citaten correct zijn – hoe durf ik zulks in twijfel te trekken, mon chèr Emile? – is dit eerder een prachtig staaltje van ’s lands politieke slash literaire onkunde.

  2. Een workshop zakelijk schrijven gevolgd bij senatrice Van Ermen, zou ik zo gokken.

  3. Ik ben bezig met het lezen van het boek in kwestie, en ik moet zeggen dat de auteur van dit artikel gelijk heeft. “Wedervaren van een cabinetard” mag inhoudelijk gezien misschien zo slecht nog niet zien, de grammatica laat vaak de wensen over.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s